Verenigingen en stichtingen

Verenigingen
Geloof, levensbeschouwing, dierenliefde, sport, muziek, toneel of milieubescherming; voor elk doel kunnen mensen samenwerken in verenigingsverband. Verenigingen kunnen door minstens twee personen worden opgericht. Alle verenigingen hebben rechtspersoonlijkheid, maar er is een onderscheid tussen verenigingen met volledige en met beperkte rechtsbevoegdheid.

Van verenigingen met volledige rechtsbevoegdheid zijn de statuten in een notariële akte opgenomen. Zo'n vereniging is zelfstandig drager van rechten en verplichtingen. Een vereniging met beperkte rechtsbevoegdheid kan geen registergoederen, zoals woningen, appartementsrechten, bedrijfspanden en geregistreerde schepen bezitten en ook geen erfgenaam zijn. Bovendien zijn de bestuurders dan persoonlijk aansprakelijk voor schulden.

 


Stichtingen
Van oudsher zijn stichtingen opgericht voor allerlei goede doelen. Sinds het begin van de 20ste eeuw wordt de stichtingsvorm steeds vaker gebruikt voor andere doeleinden dan liefdadigheid. Zoals in het gebied van maatschappelijk welzijn. Anders dan de vereniging mag een stichting nooit leden hebben, de stichting kan alleen bij notariële akte of testament opgericht worden en er is maar één oprichter voor nodig.

De stichting is een rechtspersoon, dus bezit volledige rechtsbevoegdheid. Als een stichting ten doel heeft uitkeringen te doen, zijn deze uitkeringen beperkt tot het ideële en/of sociale terrein. Het doel van de stichting mag niet inhouden het doen van uitkeringen aan haar oprichters of aan haar bestuurders. Het betalen aan de oprichters en/of bestuurders van door hen gemaakte onkosten of het vergoeden van ter beschikking gestelde tijd (mits reëel) is toegestaan.